Versteeg Wigman Sprey Advocaten
  28-12-2006

Greenpeace wint kort geding van Nederlandse Staat

     

De Voorzieningenrechter in Amsterdam heeft in een kort geding vonnis van 22 december 2006 geoordeeld dat een reclamecampagne van Greenpeace waarbij een logo en slogan van een eerdere campagne van de overheid worden gebruikt, geen inbreuk maakt op het merkrecht of auteursrecht van de Nederlandse Staat.

In september 2006 startte de overheid een voorlichtingcampagne met als thema “Rampen vallen niet te plannen, voorbereidingen wel. Denk vooruit.”, waarbij een logo wordt gebruikt. De Staat heeft het logo als Benelux beeldmerk in laten schrijven en is auteursrechthebbende op het logo. Stichting Greenpeace Nederland heeft het logo en de slogan gebruikt in een eigen campagne, waarbij zij in oktober in een aantal kranten foto’s heeft geplaatst van een kerncentrale en windmolens waarop ook de slogan en het logo van de Staat voorkomen.

De Voorzieningenrechter concludeert dat Greenpeace recht heeft op vrijheid van meningsuiting en dat zij met de campagne haar standpunt over het regeringsbeleid met betrekking tot het milieu probeert over te brengen. Hoewel het recht op vrijheid van meningsuiting kan worden beperkt door rechten van anderen die noodzakelijk zijn in een democratische samenleving en bij wet zijn voorzien, zoals het auteursrecht en het merkenrecht, is daarvan volgens de rechter hier geen sprake. De wijze waarop het logo en de slogan door Greenpeace in de campagne worden gebruikt is te beschouwen als een uiting die valt onder de paradie-exceptie van artikel 18b Auteurswet. Greenpeace brengt op een gekscherende maar tevens kritische wijze in het kader van de verkiezingsstrijd één van de belangrijkste maatschappelijke problemen, namelijk het milieu, onder de aandacht van het publiek.

Ten aanzien van het merk oordeelt de Voorzieningenrechter dat het gebruik van het logo door Greenpeace in elk geval niet als een gebruik ter aanduiding van de herkomst van de diensten van Greenpeace kan worden aangemerkt, maar als blikvanger voor haar politieke/maatschappelijke actie. Dit gebruik kwalificeert als geldige reden in de zin van artikel 2.20 lid 1 sub d BVIE. Het gebruik is dus geoorloofd, ook al trekt Greenpeace (ideëel) voordeel en ook al wordt aan de reputatie van het merk van de Staat afbreuk gedaan doordat het in een controversieel daglicht wordt geplaatst. De Voorzieningenrechter wijst in dit kort geding de vordering tot vergoeding van de door Greenpeace gemaakte proceskosten van EUR 16.500, - toe.

Bron: Boek9.nl

      Terug
     
Home  
  Contact  
  Portretten  
  Algemene voorwaarden  
  Nieuws