3 min Leestijd

Verwarrende yoghurt

Europese vega-burgers mogen hun naam behouden, dat besloot het Europees Parlement vrijdag 23 oktober. Een voorstel om namen als ‘burger’, ‘worst’ en ‘steak’ te verbieden voor plantaardige of vegetarische producten werd afgewezen. De schappen blijken toch niet gevuld met verwarde consumenten die per ongeluk een kikkererwtenburger kopen. Zolang er duidelijk staat aangegeven dat het om een veganistisch of vegetarisch product gaat, mag de naam worden gebruikt en behouden.

Duidelijk. Behalve dan dat hetzelfde niet geldt voor zuivel-alternatieven. ‘Soja-yoghurt’, ‘tofu-boter’ en ‘room-imitatie’ zijn blijkbaar wél verwarrend.  Een burger mag van kikkererwten maar een kaas niet van cashew. Waar ligt dan de grens?

Deze beslissing sluit aan bij de uitspraak van het HvJEU uit 2017 in het arrest TofuTown, waarin werd geoordeeld dat de benamingen voor melk en melkproducten niet gebruikt mogen worden voor zuivel-alternatieven volgens EU wetgeving. Benamingen voor melk en melkproducten mogen namelijk alleen voor andere producten gebruikt worden wanneer ‘de benaming van producten waarvan de precieze aard op grond van traditioneel gebruik duidelijk is, en/of wanneer duidelijk is dat de benamingen bedoeld zijn om een kenmerkende eigenschap van het product te omschrijven’.  In een latere bijlage zijn specifieke producten uitgezet waar deze uitzondering voor bedoeld was, en het HvJEU heeft geoordeeld dat dit de enige producten zijn waarvoor het geldt. In het Nederlands zijn dat onder andere ‘pindakaas’, ‘kokosmelk’ en ‘cacaoboter’. Je zou zeggen dat een naam als havermelk onder deze uitzondering valt, gezien de benaming ‘melk’ aanduidt waar het voor gebruikt kan worden, wat voor consistentie het heeft en zelfs welke uiterlijke kenmerken het bezit. Bovendien wordt het product in de volksmond nog altijd havermelk genoemd. 

Afijn, het HvJEU was het daar niet mee eens. Sterker nog, beschrijvende of verhelderende toevoegingen binnen de naam die de plantaardige afkomst aanduiden, hebben geen effect op het verbod. Destijds zag je in de schappen dan ook dat ‘havermelk’ veranderde naar ‘haverdrink’. Een gelijksoortig artikel voor benamingen voor vlees bestaat niet, wat verklaart dat het Europees Parlement hier een ander standpunt tegenover nam. Wellicht ook beïnvloed doordat steeds meer Europeanen hun vleesconsumptie minderen. 

Het onderscheid zit hem dus niet in de verwarring bij de consument, maar in een beschermend wetsartikel voor melkproducten. Overigens gold in Nederland dat dit geen absoluut verbod inhield. Vorig jaar schaarde de Hoge Raad zich bij het Hof ‘s-Hertogenbosch, dat oordeelde dat hoewel een bedrijf de termen ‘vla’ en ‘room’ niet mag gebruiken voor producten zonder zuivel, dat zinnen als ‘alternatief voor yoghurt’ en ‘te gebruiken als kookroom’ wel toegestaan zijn. Het gaat dus specifiek om de benaming, en niet de aanduiding, die niet mag worden ontleend aan namen voor melkproducten. 

‘Het hof heeft daarover overwogen dat reeds uit het vonnis van de rechtbank volgt dat Alpro onrechtmatig heeft gehandeld door op haar website de term “(100%) plantaardige room” voor het product Cuisine te gebruiken. Voor het overige is van onrechtmatig handelen volgens het hof geen sprake: Het gebruik van de term “kookroom” in de zinsnede “die op dezelfde manier als kookroom gebruikt kan worden” (…) is niet in strijd met Bijlage VII, deel III onder punt 5, omdat in deze zinsnede het product niet als ‘room’ wordt aangeduid.’

Ook dat mag niet meer. Tegelijkertijd met het verwerpen van het wetsvoorstel omtrent benamingen voor vleesvervangers, werd een wetsvoorstel omtrent benamingen voor zuivelalternatieven aangenomen. Deze gaat verder dan de uitspraak in TofuTown: ook zinsneden als ‘alternatief voor melk’ mogen nu niet meer.

Kortom, vleesvervangers mogen gewoon “vlees” benamingen krijgen, zolang het duidelijk is dat het om een plantaardig of vegetarisch alternatief gaat. Voor zuivelvervangers zit dat net een beetje anders: beschermde zuivelbenamingen mogen alleen gebruikt worden voor traditionele zuivelproducten. Behalve kokosmelk en pindakaas, die zijn veilig. Wellicht is dit juist wat verwarring schept bij de consument, maar dat terzijde. Waarschijnlijk gaan de mensen vrolijk door met een cappuccino met havermelk bestellen, en doet het er eigenlijk niet toe dat er nu haverdrink op het pak staat. 


In samenwerking met Saar Hoek

15 december 2020 - Reclamerecht

About Merel Teunissen

Merel Teunissen advocaat

Merel werkt voor cliënten in de cultuur, tech industrie, groot MKB en de mediabranche (met name de film- en televisie). Merel adviseert en procedeert op het gebied van mediarecht, filmrecht, privacyrecht, contractenrecht en intellectueel eigendomsrecht.

Als advocaat is Merel pragmatisch, betrokken en duidelijk. Merel is een waardevolle sparringpartner voor haar cliënten. Ze denkt juridisch én commercieel strategisch met haar cliënten mee en wijst ze op aandachtspunten voordat er problemen ontstaan. Met veel van haar cliënten werkt ze al jaren samen.

Meer over Merel Teunissen